Regels van Agricola
Agricola is Latijn voor het woord ‘boer’. Bij dit bordspel (voor 1 tot 4 spelers) gaat het erom dat je een boerderij runt. Je verzamelt grondstoffen als hout en leem, breidt je gezin uit, en zorgt voor voldoende voedsel voor iedereen. Je ploegt akkers en beplant deze met graan en groene gewassen. Natuurlijk horen ook de schapen, varkens en runderen erbij. Degene die zijn boerderij het meest ontwikkelt, is de winnaar.
Officiële Agricola regels downloaden →Uitleg over Agricola:

Geschiedenis van Agricola
Agricola verscheen in 2007 en brak meteen door: in 2009 won het de Nederlandse Spellenprijs en werd het genomineerd voor Speelgoed van het Jaar in de categorie 12+. Auteur van het spel is Uwe Rosenberg, terwijl Klemens Franz het vormgaf. In 2016 kwam een herziene editie uit met fris beeldmateriaal en opnieuw uitgebalanceerde kaarten; die editie is voor 1 tot 4 spelers, waar de eerste er nog 5 aankon. De Nederlandse uitgever is 999 Games.
Welke regels zijn er bij Agricola?
Agricola kent weinig uitzonderingen, maar wel een handvol regels waar alles om draait. Ze maken het spel niet moeilijk; de strategie die je kiest, kan je wél snel in de problemen brengen.
Elke ronde zet je al je gezinsleden in, één voor één, met de klok mee, en elk actieveld is per ronde maar één keer te gebruiken.
Wat bij elkaar hoort, moet op je boerderij ook aan elkaar grenzen: kamers aan kamers, akkers aan akkers, weiden aan weiden.
Bij elke oogst haal je één gewas van élke akker, voed je je gezin met 2 voedsel per gezinslid (1 voor een pasgeborene) en fokken je dieren als je er twee van een soort hebt én plek voor het jong.
Kun je je gezin niet voeden, dan moet je bedelen. Elke bedelkaart kost 3 punten en je komt er niet meer vanaf.
Elk vakje van je boerderij dat aan het eind leeg is, kost je 1 punt.
Rondes en perioden
Agricola duurt 14 rondes, verdeeld over 6 perioden. Aan het einde van elke periode volgt een oogst: dat zijn de rondes 4, 7, 9, 11, 13 en 14. Je begint met twee gezinsleden, de boer en zijn partner, en dus met twee acties per ronde. Bouw je je huis uit en krijg je er een gezinslid bij, dan heb je vanaf de volgende ronde een actie extra. Daar staat tegenover dat die extra mond bij elke oogst ook gevoed moet worden.
Actiekaarten
Elke ronde begint met het omdraaien van een nieuwe actiekaart, waardoor er een actieveld bij komt. Daarna zetten alle spelers om de beurt hun gezinsleden in, met de klok mee, tot iedereen al zijn gezinsleden heeft geplaatst. Wat maar één keer per ronde kan, is het gebruik van een áfzonderlijk actieveld: is een veld bezet, dan is het die ronde voor de anderen niet meer beschikbaar. Daar zit de spanning van Agricola, want je zit elkaar onvermijdelijk in de weg.
Beroepskaarten en ontwikkelingskaarten
Je begint met 7 gele beroepskaarten en 7 oranje kaarten voor kleine aanschaffingen op je hand. Die kun je inzetten als ze binnen je plan passen. Omdat je elke partij andere kaarten krijgt, speelt elke partij anders: je tactiek volgt uit wat je toevallig in handen hebt. Wil je het spel eerst zonder die variatie leren kennen, dan kun je de variant zonder handkaarten spelen met het bijbaan-tegeltje.
Officiële regels van Agricola downloaden
Agricola is een vrij complex gezelschapsspel, maar gelukkig zijn er heldere regels voor opgesteld. Je kunt de officiële regels voor Agricola hier downloaden.
Hoe speel je Agricola?
Je speelt Agricola in verschillende fasen, waarin verschillende acties mogelijk zijn.
De vier fasen
Elke ronde bestaat uit vier fasen. In de voorbereidingsfase draai je de actiekaart van de nieuwe ronde om en vul je de verzamelvelden aan met hout, leem, riet, voedsel en dieren. In de werkfase zetten de spelers om de beurt, met de klok mee, steeds één gezinslid op een vrij actieveld en voeren ze die actie meteen uit; er kan per ronde maar één gezinslid op elk actieveld. In de thuiskomstfase keren alle gezinsleden terug naar hun kamers. En in de vierde fase volgt de oogst, maar alleen in de rondes 4, 7, 9, 11, 13 en 14.
Oogst halen
Wanneer je de rondes vier, zeven, negen, 11, 13 en 14 hebt gespeeld, is het tijd om te oogsten. Dit doe je in drie fases. Allereerst verwijderen de spelers één graan- of groentetoken uit een ingezaaid veld op hun boerderij. Daarna moet iedere speler elk van zijn gezinsleden voeden. De kostprijs bedraagt twee voedseldelen per gezinslid en één voedseldeel voor elk gezinslid dat nog geen actie heeft ondernomen. In de laatste fase worden de dieren die je hebt, belangrijk. Wanneer je twee van een bepaald dier hebt, ontvang je er nog net zo één bij. Het dier moet wel kunnen worden ondergebracht. Je mag het dier niet onmiddellijk omzetten in voedsel.
Agricola winnen
Na de laatste oogst van ronde 14 telt iedereen zijn punten. Je scoort voor akkers, weiden, graan, groente, schapen, wilde zwijnen en runderen, volgens de tabel op het spelbord: hoe meer, hoe beter. Daarnaast is elke kamer van een leemhuis 1 punt waard en elke kamer van een stenen huis 2, telt elk gezinslid voor 3 punten, en levert elke aanschaffing de punten op die erop gedrukt staan. Er zijn ook minpunten: elk onbebouwd vakje op je boerderij kost 1 punt, elke diersoort die je helemaal mist kost 1 punt, en elke bedelkaart kost er 3. Wie de meeste punten heeft, wint. Rond de 30 punten is een nette score voor een eerste partij; ervaren spelers mikken op 40 of meer.
Veelgemaakte fouten bij Agricola
De meeste punten gaan bij Agricola niet verloren door een slecht plan, maar door een regel over het hoofd zien. Dit zijn de fouten die beginners het vaakst maken:
Te laat aan eten denken. Voedsel is geen bijzaak maar de klok van het spel. Wie bij een oogst tekortkomt, pakt bedelkaarten van 3 minpunten per stuk.
Het gezin uitbreiden zonder plan om het te voeden. Een extra gezinslid geeft een actie extra, maar vraagt vanaf dat moment elke oogst 2 voedsel.
Denken dat je een dier meteen kunt slachten. Een pasgeboren dier mag je tijdens de fokfase niet in voedsel omzetten, en zonder de juiste aanschaffing kun je dieren überhaupt niet tot voedsel verwerken.
Een diersoort helemaal overslaan. Elke soort die je aan het eind niet hebt, of dat nu schaap, wild zwijn of rund is, kost een punt. Eén exemplaar is al genoeg om dat te voorkomen.
Vergeten op te ruimen. Elk leeg vakje op je boerderijbord is een minpunt. Aan het eind van het spel is een weide zonder dieren dus nog altijd beter dan kale grond.
Een akker laten staan bij de oogst. Oogsten is verplicht: je moet van élke ingezaaide akker één gewas afhalen, ook als je het liever had laten liggen.
Benodigdheden om Agricola te spelen
Wat heb je nodig om Agricola te spelen/uit te oefenen:
Het basisspel Agricola, met 120 kaarten: 14 actiekaarten, 48 beroepen, 48 kleine aanschaffingen en 10 grote aanschaffingen;
4 boerderijborden, één voor elke speler;
1 spelbord met de actievelden, plus 2 verlengstukken;
1 voorraadbord voor de grote aanschaffingen;
Het houten materiaal: schapen, wilde zwijnen, runderen, hout, leem, riet en steen;
1 tot 4 spelers;
Een tafel om aan te spelen.
Veelgestelde vragen bij Agricola
Hoe lang duurt het om Agricola voor te bereiden?
Het duurt ongeveer een kwartiertje om Agricola voor te bereiden. Je moet kaarten schudden en uitdelen, en het bord opzetten met veel verschillende grondstoffen. De spelregels kunnen wat ingewikkeld zijn als je het spel nog nooit gespeeld hebt. Daar moet je dus ook extra tijd voor rekenen.
Kun je dieren direct tot voedsel wenden in Agricola?
Wanneer je 2 dieren van dezelfde soort hebt, en een extra dier erbij krijgt, mag je deze in het spel Agricola niet meteen slachten en als voedsel gebruiken. Het dier moet eerst leven (en dus ook gevoed worden).
Wat is het doel van Agricola?
Het doel van Agricola is een goed draaiende boerderij op te bouwen. Hoe beter de boerderij draait, des te meer punten je verdient. Strategie is heel belangrijk: welke gezinsleden laat je welke acties uitvoeren? Investeer je in een luxer huis of andere upgrades? Dat bepaalt allemaal of jij de winnaar wordt.
